Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„met mijn ziel, dit belijd ik met den mond(l)." Toen gaf liij zich nog een oogenblik aan de levendigste godsvrucht over, en nuttigde het H. Lichaam des Heeren bij het spreken dezer woorden: Ik nuttig U, losprijs mijner siel, uit liefde voor wien ik gestudeerd, gewaakt, gearbeid heb ; u heb ik gepredikt, u geleeraard, nimmer heb ik iets tegen ti gesproken. Ook hecht ik mij niet hardnekkig aan mijne gevoelens, maar, heb ik over dit Sacrament iets kwaads gezegd, ik onderwerp het geheel ter verbetering aan de Heilige, Roomsche Kerk, als wier gehoorzame zoon ik dit leven verlaat (2).

Den volgenden dag vroeg de Heilige het Sacrament des Oliesels. Terwijl hem dit troostrijk Sacrament als eene nieuwe sterking voor den laatsten strijd werd toegediend, antwoordde hij zelf op de kerkelijke gebeden (3). Volkomen onderworpen aan Gods H. Wil bracht hij het offer van zijn leven. Zijne zuivere ziel vloeide over van blijdschap en was niet ontsteld door de verschrikkingen des doods (4). De Heilige bleef opgetogen in hemelsche beschouwingen; hij zocht zijne hulp bij den Heer en juichte in de bescherming van Gods vleugelen. Zoo verbeidde zijne schoone ziel den Heer.

De zesde Maart ging voorbij. Toen de morgenzon den volgenden dag haar eerste stralen op het gezegend Terra di Lavoro wierp (5), verliet de engelachtige Leeraar het aardsche tranendal (6). Zijne

(1) .... libera voce, attenta devotione, et cum lacrymis sic respondit: Si major scientia, quam fidei de hoe Sacramento in vita hac haberi potest, in illa respondeo, quod verum credo, et pro certo scio hunc verum Deum esse et hominem, Dei Patris et Virginis Matris filium, et sic credo animo, et confiteor verbo, sicut Sacerdos proposuit de hoe Sanctissimo Sacramento. De Tocco, X, n. 59- — Vgl. Ptol. Luc. H. E. XXIII, 9.

(2) De Tocco, 1. c. Abbas Nicolaus, fr. Fresolino, Petrus de Castro M. S. Joann. en Barth. Logoth. in Proc de vita, 8, 10, 49 en 80.

(3) Joann. de Adelasia de Piperno, in Proc. de vita, 27; de Tocco, X, 59.

(4) De Tocco, X, n. 66. — Vgl. ook over de laatste levensdagen des Heiligen, S. Anton. Chron. t. III, tit. XXIII, § 11.

(5) Carnevali, Vita di S. Tommaso, p. 306 verzekert: Vuola un antica tradizione che il raggio del sole nascente, entrando per la finestra, andasse a percutere il petto del moriente santo Dottore.

(6) Ptol. Luc. H. E. XXIII, 8.... ibique (Foss. Nov.) sua aggravata est aegritudo. Unde cum multa devotione et mentis puritate, et corporis, qua semper floruit... ex hac luce transit ad Christum. — ld. Annal. ad ann. 1274.... declinavit ad Monasterium Fossae-Novae, ibidemque mortuus est, et sepultus cum multa devotione. — De Tocco, X, 69... tam laetanter exivit de corpore, quam mirabiliter videbatur vivere extra corpus. — Volgens Sixt. Sen. Bibl. Sanct. IV, nam Thomas' stem bij het sterven eensklaps eene ongemeene kracht

Sluiten