Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Psychologisch goed te begrijpen is, dat niet alleen verheven beweegredenen tot prediken drongen. Het motief van vs. iïa is niet in strijd met dat van vs. 14. Men vergete niet, dat Paulus vs. 18 zijne blijdschap uitspreekt ook over de personen van vs. 15*. "Wel een bewijs, dat zij geen Judaïstisch gezinde dwaalleeraars waren, die de waarheid van het evangelie in gevaar brachten zooals de dwaalleeraars van Galatië. Anders zou Paulus op eenen anderen toon gesproken hebben. Al had Paulus op hunne prediking wel het een en ander aan te merken, dit was niet zoo van overwegend belang. Maar wel zegt Paulus om der waarheid wil, dat sommige gemeenteleden te Rome hem reden tot ontevredenheid gaven. De apostel had door zijne verhevene persoonlijkheid eene positie in de gemeente ingenomen, waarmede ieder prediker rekenen moest. Men was öf vóór hem óf tegen hem en kon hem niet links laten liggen. Krachtige persoonlijkheden wekken achting en sympathie, maar bij kleingeestige menschen ook verzet, daar deze laatsten gevoelen tegen zulke mannen niet opgewassen te zijn en zij nu kleinzielig op hen afgeven. Dit moest te Rome des te eer geschieden, daar men Paulus als eenen vreemden indringer beschouwde, die thans op het terrein van anderen werkte, gelijk hij vroeger door zijnen brief aan de Romeinen reeds gewerkt had. De nijd en de wedijver evenals de ê'jO'yxta of welwillendheid hebben op Paulus betrekking. Paulus, de gevangen man, had zooveel zegen op zijnen arbeid. Naar hem luisterden velen en zijne verschijning gaf een prikkel aan de gemeente. Zoo waren sommigen jaloersch op Paulus en predikten o'.a '^Oovov of met nijd in het hart. Men kan het volgende sol; wel door twist vertalen. De bedoeling is dan, dat men boos was op Paulus, omdat hij op eens anders gebied kwam. Doch beter is, hier aan wedijver te denken, wat £{>t; ook beteekenen kan. Het staat dan synoniem met £r(Xo;. Men wilde het van Paulus winnen, doch de krachten schoten te kort. Het ontbrak den bedoelden mannen aan de noodige gaven. Zij predikten, zooals vs. 17 staat, s; sptilsta; of met zelfzuchtige bedoelingen. Epifteta, dat niet met sot: samenhangt, wordt van è'otfto;, loonarbeider, afgeleid. hpt&êóstv, gebruikt van het dienen om loon, gewoonlijk in het Medium, wordt sedert Aristoteles in eenen verkeerden zin gebezigd van hen. die in den staat slechts hun eigen voordeel zoeken, zich laten begiftigen, in strijd met AsiToupYS'.v, het kosteloos bewijzen van diensten aan den staat.

Sluiten