Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zoo gemakkelijk te vinden en moet men daarmee voorzichtig' zijn.

4. Tot begrip van den Syllabus.

Een hoofdregel tot juist begrip van den Syllabus is, dat men de historische wording van elke afzonderlijke stelling nagaat. Daarom is als wegwijzer ook bij iedere stelling de pauselijke acte aangehaald, waaraan de stelling ontnomen is. Een paar stellingen konden op zich zelve waar zijn, maar in den zin en samenhang van den schrijver daarvan zijn zij verkeerd.

Goetz en Hoensbroech' hebben dezen elementairen regel niet in acht genomen en zoo een onwetenschappelijke methode toegepast. Voor den onderwezen Katholiek is de Syllabus niets nieuws, daar de Katholieke waarheid onveranderlijk, eeuwig oud, en eeuwig nieuw is: modewaarheden bestaan in de Kerk niet.

Merkwaardigerwijze zegt dit ook Hoensbroech (pag. 26): „De Syllabus, of liever gezegd, het contradictoire tegendeel zijner 80 stellingen vertegenwoordigt geene nieuwe leer, die eerst Pius IX verkondigd heeft, maar het is de neerslag van oeroude ultramontaan-Katholieke theorie en praktijk en tevens — want het Ultramontanisme is onveranderlijk — haar toekomstprogram". Waartoe dan het geschreeuw tegen den Syllabus?

5. De litteratuur van den Syllabus.

De Latijnsche tekst van den Syllabus is opgenomen in de Acta Pii Papae IX, Rome 1854—1874. Sedert dien tijd is hij dikwijls afgedrukt, bijv. bij Rinaldi, 286 —297, Denzlnger: Enchiridion, n. 1548—1629. Geschriften en opstellen over den Syllabus schreven o. a.: KI. Schrader S.J., Der Papst und die modernen Ideën, Wien 1865, 2 Aufl. 1867. — Tosi, J. Prof. a. d. Universitat Graz, Vorlesungen iiber den Syllabus errorufn der Papstlichen Enzyklika vom 8 Dezember 1864,

400

Sluiten