Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Uit Nuijtz. Het nationaal concilie is aan den Paus ondergeschikt. Derhalve kan de Paus de besluiten daarvan, wanneer zij verbetering behoeven, wijzigen. Over 't algemeen hebben de besluiten van een nationaal concilie, om geldig te zijn, de pauselijke bekrachtiging noodig. Qoetz (170) kent het Nieuwe Testament en de kerkelijke geschiedenis slecht, wanneer hijmeent dat het oud-kerkelijke nationaliteits-principe door de vaticaansche dogma's definitief ten gunste van Roomsche universaliteit afgeschaft is. De universaliteit was de Kerk van den aanvang af eigen; vgl. Matth. S, 11; 16, 18; 28, 19; Joh. 17, 11 enz.; Col. 1, 6.

Katholieke leer: De bepaling van een nationaal concilie laat nog eene verdere behandeling over, zoodat het burgerlijk bestuur zich niet onvoorwaardelijk daaraan houden kan.

37. Syllabus-stelling: „Men mag nationale Kerken instellen, die aan het gezag van den Roomschen Opperpriester onttrokken en geheel van hem gescheiden zijn".

Uit eene te Parijs in 1S50 verschenen brochure. Het Gallicanisme, Febronianisme en Jozefinisme bevond zich met zijn schismatische poging, van Rome onafhankelijke nationaalkerken te stichten, op protestantschen, niet op katholieken bodem; het waren droomen. Ja zelfs de aan Goetz sympathieke Reform-Katholieken zeggen in hun Programschrijven „Was wir wollen" (Miinchen 1904, 33): „Niets zoude ons onsympathieker zijn als zulk eene (nationaal-kerk) en wel vooral daarom, omdat zij met het wezen der Katholieke Kerk volstrekt onvereenigbaar is. Niet onvereenigbaar met dit wezen van het Katholicisme echter,

464

Sluiten