Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tegen vrijheid en rechtvaardigheid. Verdere bijzonderheden over deze quaestie in de Encykliek „Immortale Dei".

Katholieke leer: Het is niet wenschelijk, dat de Kerk van den staat en de staat van de Kerk gescheiden wordt (kan echter naar omstandigheden het kleinere kwaad zijn).

§ 7. Dwalingen over de natuurlijke en christelijke zedekunde.

In § 7 worden de rationalistische en materialistische dwalingen op zedelijk gebied veroordeeld. De samenhang is de volgende. De zedewetten hebben geene goddelijke (56) of kerkelijke goedkeuring noodig. (57) Behalve de materie bestaat er niets (58), recht en plicht zijn woorden zonder zin. (59) Autoriteit is dwang, (60) geluk is recht. (61). Zich met niets bemoeien is wijsheid, (62) de vorsten zijn tirannen, (63) uit liefde voor het vaderland is alles geoorloofd. (64). — Gcetz verheft tegen de Katholieke leer van het recht de beschuldiging, dat zij staatsgevaarlijk en omverwerpend is, omdat zij er aan vasthoudt, dat de burgerlijke wetten met de goddelijke geboden overeenstemmen moeten. (213). Wanneer hij elke, ook de onrechtvaardigste staatswet als gewetenszaak beschouwt, dan heft hij het geweten en de hoogheid der wet op.

56. Syllabus-stelling: „De zedewetten behoeven geenc goddelijke bekrachtiging, en het is volstrekt niet noodig, dat de menschelijke wetten met het natuurrecht overeenkomen, of van Qod verbindende kracht ontvangen".

De bedoeling der bewering is: Wetgevende almacht

481

Sluiten