Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

b. Lovdjodide wordt uit de waterige of zeer verdund zoutzure oplossing van loodchloride afgescheiden door toevoeging van zeer weinig kaliumjodide aan den rand van den druppel. Het is aan de zeer typische eigenschappen (o. a. het kleurenspel, dat ontstaat dooi interferentie van het opvallende licht in de zeer dunne kristalplaatjes) gemakkelijk herkenbaar (zie Behrens, Anl., 2" dr., bl. 73) en uit zeer verdunde loodoplossingen met een spoor KI verkreeg ik wel zeshoeken tot 60 « groot.

Het is ongeveer 10 X minder oplosbaar dan PbCl2, n.11:1235 koud en 1 :194 (100°) (n. Dammer, bl. 541). Door vrij HC1 wordt de precipitatie evenwel zeer gestoord en dan kunnen naast Pbl2 ook naalden van PbCL, optreden, die niet omgezet worden.

De gevoeligheid is dus krachtens de geringe oplosbaarheid groot genoeg; bij aanwezigheid van weinig Pb worden de kristallen echtei zeer klein en ten slotte is alleen geelkleuring zichtbaar.

Men wachte zich bij de herkenning van kleine hoeveelheden lood voor de toevoeging van een overmaat KI, waarin het loodjodide oplosbaar is. Intusschen is dit gevaar niet zoo heel groot; lang zoo niet als bij Hgl2, dat zeer gemakkelijk weer oplost. Het Pbl2 is alleen in vrij geconc. KI oplosbaar, slaat zeifs door water daaruit weer neer (n. Dammer) en bleek mij dan weer tamelijk fraai kristallijn te voorschijn te komen onder bepaalde omstandigheden. Maai ook ontstonden wel eens (bij minder KI) lange naalden van liet dubbelzout, die met water wel intens geel kleuren, maar den vorm

der naalden behouden.

Bij het omkristalliseeren uit warm water verliest het veel van zijn fraaiheid; bovendien is deze bewerking hier in dit geval gevaailijk door de daardoor veroorzaakte verspreiding van het plaatselijk toegevoegde kaliumjodide, dat bij eene kleine hoeveelheid lood eventueel in overmaat aanwezig kan zijn. Is dit bezwaar echter niet te vreezen, dan levert de omkristallisatie uit verdund azijnzuur het

fraaiste resultaat op.

Bovendien kan de aanwezigheid van Hg012 (zie boven) de reactie met kaliumjodide storen, doordat daarmede eveneens een precipitaat (Iïgl2) ontstaat. Hoewel verwisseling van dit met het loodjodide onmogelijk te achten is, stoort het toch door zijn optreden in hooge mate de herkenning van geringe hoeveelheden Pb, die naast HgOlj

mogelijk aanwezig kunnen zijn.

Om de bovenstaande redenen is de reactie met kaliumjodide alleen dan aan te bevelen als bevestigingsreactie op lood, wanneer men de

Sluiten