Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De waterige oplossing wordt in liet platinakroesje overgebracht, daarin afgedampt tot droog en het nu blijvende residu der sulfaten van Cu en Cd gedurende ongeveer een minuut in een klein vlammetje tot donkerroodgloeihitte verhit.

Wordt nu na bekoeling met water uitgetrokken onder zachte verwarming, dan gaat kadmiumsulfaat in oplossing, terwijl koperoxyde in het kroesje achterblijft. De oplossing kan onmiddelijk gebruikt worden om daarin kadmium (reacties a en b) te herkennen.

Het residu in het kroesje wordt met water nagewasschen, hetgeen eenvoudig en snel gebeuren kan door water langs den steel in het kroesje in te spuiten en het aan de andere zijde over den rand te laten uitvloeien. Het wordt opgenomen in salpeterzuur onder zachte verwarming, deze oplossing overgebracht op het voorwerpglas en daarin op Cu gereageerd door middel van de tripelnitrietreactie. Is het niet zeer weinig en reeds als een zwarte aanslag zichtbaar in het kroesje, dan kan het ook opgelost in zoutzuur en reactie Cu, b ter aantooning dienen.

Toelichting.

Hoven de gewoonlijk voor do metalen van de kopergroep (zie Fresenius, Qual. Analyse en andere handboeken) aangegeven scheidingsmethode, heeft de boven aangegeven analysegang voornamelijk dit voordeel dat zij de bewerking van een kleine hoeveelheid op het voorwerpglas, zonder dat filtraties noodig zijn, toelaat.

Loodsulfaat is in verdund zwavelzuur zeer weinig oplosbaar4) en blijft daardoor bij bovenstaande behandeling achter. De residus van aldus verkregen PbSÜ4 liggen bovendien op het voorwerpglas voldoende vast om het helder afsleepen van de verdund zwavelzure oplossing te veroorloven.

Het bismuthsulfaat (basisch?), dat door indamping van de zwavelzure oplossing achterblijft in fraaie lange naalden, is daarentegen in verdund zwavelzuur in de koude zeer gemakkelijk oplosbaar. Eene zoodanige oplossing verdraagt evenwel verwarming niet: daardoor scheidt zich een eveneens naaldvormig kristallijn basisch zout af, dat ook in groote overmaat verdund zwavelzuur practisch onoplosbaar is. Dit onoplosbare

i) Minder nog dan in water, want eene verzadigd waterige oplossing

van PbSO.i bleek met een gelijk volume spiritus helder te blijven, maar

door verdund zwavelzuur troebel te worden. Door weinig HNOg of HC1

wordt de oplosbaarheid van 1'bSOt echter zeer bevorderd en uit zulke oplossingen is alcohol 37ï/n staat om afscheiding te veroorzaken.

Sluiten