Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„De zedelijklieid neemt af' en „de maatschappij en de wetgeving ontdeden zich hoe langer zoo meer van den voorvaderlijken godsdienst," zegt Z. H.. Door eene godsdienstloze opvoeding en eene goddelooze pers neemt het ongeloof schrikbarend toe, wat door het godloochenend socialisme nog bevorderd wordt. Daar heerscht eene algemeene begripsverwarring omtrent zedelijkheid, rechtvaardigheid, godsdienst. Het bovennatuurlijke en het hiernamaals is weggecijferd. Daarvoor heeft men de menschen geleerd den hemel op aarde te zoeken, alleen voor het stoffelijke te leven. Maar dan zoekt de rijke slechts zijn schatten te vermeerderen, en de arme, die zich toch voor geluk geschapen voelt en geleerd heeft het hier te zoeken, eischt zijn deel van de aarde. Zonder dat verval van godsdienst en zedelijkheid ware de scheiding van kapitaal en arbeid niet in kapitalisme, en de concurrentie niet in een verdelgingsoorlog ontaard. Hierin ligt wel de diepste oorzaak der sociale quaestie.

47. Van de sociale en economische kwalen der maatschappij, die het voorwerp der sociale quaestie uitmaken, moeten wij eenige hoofdrer&chijnselen meer in het bijzonder aanwijzen.

1 °. Verbreking der maatschappelijke bandeu.

De scheiding van kapitaal en arbeid heeft zich ontwikkeld tot eene scheiding van kapitalisten en arbeiders, van bezitters en niet-bezitters, eene scheiding, die het* geheele samenstel der maatschappij ontredderd heeft. De verhoudingen van werkgevers en werknemers, die tot zekere hoogte dezelfde belangen hebben en natuurlijkerwijze tot

Sluiten