Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

beoefent de rechtvaardigheid. En daar de staat allerlei soorten van handelingen kan vorderen, wordt deze rechtvaardigheid door de School ook genoemd de algemeene, justitia generalis ').

Men lette er op: niet alles wat men ten bate van het algemeen welzijn verricht, is eene beoefening dezer rechtvaardigheid; maar alleen datgene wat men met het oog op het algemeen welzijn verricht, omdat men het daaraan verschuldigd is. Iemand, die bij testament een rijk legaat aan den staat vermaakt, beoefent misschien de vaderlandsliefde, maar niet de legale rechtvaardigheid, doch wel hij, die eene wettelijke verplichting nakomt. En vraagt men, wat de burgers met het oog op het algemeen welzijn aan den staat verschuldigd zijn, dan luidt het antwoord: datgene wat door de positieve wet is voorgeschreven (v. d. de naam wettelijke rechtvaardigheid), of ook datgene, wat zulk een noodzakelijk verband houdt met het algemeen welzijn, dat er geen positieve wet voor noodig is. Landverraad b.v. is eene zonde tegen de wettelijke rechtvaardigheid, ook al wordt het door geen enkele wet verboden. In het algemeen behoeft men krachtens de wettelijke rechtvaardigheid niets te doen dan wat de wetten voorschrijven. Daarom stellen sommige schrijvers haar gelijk met de gehoorzaamheid aan 's lands wetten, wat niet volkomen juist is, al bestaan er ook veel punten van overeenkomst2).

Het moge duidelijk zijn, dat wie tegenover den staat

') S. Th. I, II. Q. 96, a. 3.

') S. Th. II, II. Q. 58, a. 5. en a. 6.

Sluiten