Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

122. Staatssocialisme.

Het staatssocialisme, dat tot vader heeft Karl von Rodbertus-.Jagetzow (ISO") — '75), wijst den modernen staat aan als de gemeenschap, die de productie op zich neemt. De staat, zooals wij dien kennen, trekt de geheele regeling van het economisch leven aan zich, en maakt daarin de burgers volkomen van zich afhankelijk. Niet alle staatssocialisten gaan zoo ver. Sommigen gunnen zelfs aan de private productie eenig bestaan. Maar allen vorderen van den staat zooveel inmenging, dat hij alles door zijn rechtstreekschen invloed beheerscht. Hierdoor komt het, dat men dikwijls al die maatregelen, waardoor de staat te veel in het economische leven ingrijpt, eenvoudig staatssocialisme noemt.

Vergelijken wij dit ter verduidelijking met de sociaaldemocratie. — De staat heeft thans reeds vele bedrijven in eigen beheer: post, telegraaf, vervoermiddelen; voor sommige gemeenten is dit zelfs op uitgebreide schaal het geval; sommige staten hebben een of ander monopolie, Frankrijk van lucifers, Italië van tabak. Welnu het staatssocialisme wil dit doorvoeren voor geheel het economisch gebied. — Daarentegen oefenen sommige ondernemingen, voor hun eigen zaak alleen, allerlei ondergeschikte bedrijven uit, waardoor zij van andere ondernemingen meer onafhankelijk zijn; eveneens verbinden zij aan zich allerlei instellingen als scholen, brandwacht, uitspanningsgelegenheden, enz.. Wanneer dit nu zoo wordt uitgebreid, dat zulk eene onderneming niets meer van buiten voor zich noodig heeft, dan behoeft zij slechts gemeengoed te worden van de arbeiders om eene sociaal democratische maatschappij te zijn.

Sluiten