Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Maar wij hebben rekening te houden niet eene werkelijkheid. In de arbeiderswereld zijn allerlei hartstochten van begeerlijkheid opgewekt; de invoering van en de terugkeer tot het christendom kan niet dan zeer langzaam gaan, terwijl de sociale quaestie eene spoedige oplossing eischt; voortdurend heeft de Kerk te kampen met en wordt zij in haren werkkring gedwarsboomd door vooroordeelen en wantrouwen. De Kerk alleen is thans niet machtig genoeg. Daarom moeten nog andere krachten, ook waarlijk sociale krachten worden opgeroepen en ingespannen om de oplossing der sociale quaestie voor te bereiden. „Ongetwijfeld zijn tot de oplossing van het zoo gewichtige vraagstuk, ook de arbeid, de krachtsinspanning van andere factoren onontbeerlijk: Wij bedoelen de Vorsten en Kegeeringen, de bezittende klassen en de werkgevers, eindelijk ook de werklieden-zelven, wier lot het geldt"1). M. a. w. drie factoren moeten samenwerken: de Kerk, de staat en het particulier initiatief.

§ 2. Verschillende Stroomingen.

147. De katholieke sociologen bewegen zich hoofdzakelijk in twee verschillende richtingen. Veelal worden zij aangeduid als de School van Luik en die van Angers; welke benaming ontleend is aan twee congressen, die in het jaar 1890 kort na elkander in genoemde steden

l) Eer. Nov. § 12 „Confidenter."

Sluiten