Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zal ook waar zijn bij het sluiten van de arbeidsovereenkomst. Wanneer daar de contracteerende partijen, zonder verwaarloozing van hun eigen belangen, tevens ernstig bezorgd zijn om aan ieder het zijne te geven; wanneer zij, niet door valsche beginselen van de wijs gebracht, de menschelijke arbeidskracht als iets onafscheidelijks van den persoon des arbeiders hoog stellen; wanneer zij volkomen vrij, d. i. door niets gedwongen, noch door honger, noch door bedreiging, noch dooi" concurrentie, noch door wat ook, tot overeenkomst geraken, dan zal in hun contract voor den arbeider een rechtvaardig loon bedongen worden, ook al hebben zij geen van beiden gedacht aan den philosophischen grondslag, waarop het contract theoretisch steunen moet.

§ 3. Verdere verplichtingen.

165. In de vorige § hebben wij het onmiddellijk voorwerp der arbeidsovereenkomst, arbeid en loon, aan nadere ontleding onderworpen, en daaruit de eischen der rechtvaardigheid afgeleid. Maar in § 1 wezen wij er op, dat de persoon van den arbeider zelf het middellijk voorwerp van het contract is; en ook hieruit vloeien voor den patroon verplichtingen voort.

Door het in practijk brengen van geheel verkeerde beginselen in het economische leven, heeft zich de patroon menigwerf van zeer ernstige verplichtingen afgemaakt; zoodat het dikwijls als eene onomstootbare waarheid geldt, dat, wanneer de arbeider zijn taak maar volbrengt en de patroon het loon betaalt, zij zich verder niets van

20

Sluiten