Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gische processen, die, meer of minder acuut inzettende, de schors van de taaizone direct of indirect mechanisch treffen met al den aanhang van shockwerking door 't insult en nablijvende irritatieve werkingen.

De plaats der verwoesting en de meer of minder directe samenhang met de perifere organen bepaalt in 't algemeen het karakter (motorisch, sensorisch, totaal) terwijl de uitbreiding, de intensiteit en de ouderdom van 't proces in verband met den leeftijd van den patiënt den graad der algcmeenc en bizondere symptomen bepalen.

Als de meest gewone oorzaken vindt men:

1. Ver weekingen, door afsluiting van de arteria fossae iNylvii of hare takken (embolies, endarteritis obliterans).

2. Haemorrhagieën, die een deel van de taaizone of hare onmiddellijke omgeving direct verwoesten of door vertcwerking beschadigen.

•i. Locale ontstekingen (polienccphalitis, meningitis).

4. Tumoren.

5. Traumata van den schedel met paematoma, beenafsplintering etc.

1 en 5 geven dikwijls de meest typische en constante symptomen.

Een feit van het allergrootste belang voor de spraak is, dat de gcheclc taaizone en hare omgeving wordt verzorgd door eenzelfde arterie, de A- foss. Silvii, die zich in talrijke schorsartcrieën oplossende, sommige gyri en deelen van gyri tot nutriticf bijeen behoorende eenheden maakt; zóó b.v. den voet van de 3e frontaal winding door do Broca'scho arterie, zóó den lobulus parietalis inferior of pli courbe en het achterste deel van de eerste en tweede temporaalwinding. Daardoor wordt verklaarbaar het betrekkelijk veelvuldig voorkomen van verweekingen met dezelfde localisatie. Door den invloed deiArt. Sylvia wordt het duidelijk hoe allerlei combinatievormen kunnen ontstaan, doordat endarteritisclie verande-

Sluiten