Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Tussis Convulsivae voor de oorzaak van den kinkhoest. Deichler's en Henke's parasieten houdt hij voor lymphoïde cellen.

Wendt (25) controleerde dit onderzoek en kwam tot hetzelfde resultaat. Hy vond echter de bacillen niet in het eerste stadium van de ziekte, maar tijdens de reconvalescentie in even groote quantiteit als in het stadium convulsivum. Ook zag hy ze niet, als Afanassjew, in de kleine sputumvlokjes »byna in reincultuur , doch altijd vermengd met vele gewone sputumbewoners.

Haushalter (26) kweekte uit het bloed van den gesteriliseerden vingertop van drie kinderen uit één gezin, die in het verloop van kinkhoest een pneumonie hadden gekregen, den staphylococcus aureus. Hy houdt dezen voor de oorzaak der pneumonie, zonder zich uit te laten over eenig verband tusschen dezen coccus en den kinkhoest.

Mircoli (27) vond in twee gevallen van kinkhoest in het larynxslym bijna in reincultuur streptococcen, met welke hij by konijnen geen kinkhoest kon verwekken. Dezelfde streptococcen vond hij trouwens ook by vyf gezonde kinderen.

Zeer uitvoerige onderzoekingen over dit onderwerp bevatten de van 1892 tot 1890 verschenen publicaties van Ritter (28—80). Niet minder dan 2000 sputa van 147 kinkhoestlyders heeft hij onderzocht en daarin, in het stadium spasmodicum, steeds zyn diplococcus tussis convulsivae aangetroffen, welken hij met hetzelfde recht als aan den typhus- of influenzabacil aetiolologische waarde toekent.

Uit het steriel opgevangen en in steriel water flink gewasschen sputum nam hij een der kleine, melkwitte vlokjes, die hij voor het bronchiaalsecreet houdt; het aanhangende slijm gloeide hy er met een gloeiend mes

Sluiten