Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kleine, samenhangende deelen bestaat; na een week een vlies aan de oppervlakte.

De groei op Löffler's serum lykt op dien van den diphteriebacil.

De bacil groeit goed anaëroob, is 0,8—1,7 ,u lang en 0,8—0,4 p breed, ziet er fi.jngepuncteerd uit, wat hem op den diphteriebacil doet lijken. In oude culturen involutievormen: knotsvormen en zich sterk kleurende draden. Geen sporenvorming.

De dierexperimenten vielen negatief uit. Wel is de bacil voor witte muizen pathogeen en kon Koplik b\j een konijn door intraveneuze inspuiting van een oude bouilloncultuur pyaemie met gewrichtsettering verwekken.

Dotti (42) ziet in dezen bacil zooveel overeenkomst met den diphteriebacil, dat hij uit Koplik's onderzoek de therapeutische werking, die hij van het serum antidiphtericum b^j kinkhoest zag, wil verklaren.

Een ook biologisch op den influenzabacil gelijkend staafje vond Sp en gier (47) tijdens een kinkhoestepidemie te Davos geregeld in het sputum uit het eerste en tweede stadium van de ziekte, en noemde dit den pertussisbacil.

Hij wiesch het steriel opgevangen sputum niet, maar zocht eerst microscopisch een plekje op, waar veel van deze bacillen zaten, om daarvan uit te zaaien.

In het sputum liggen de bacillen meestal twee aan twee, zyn wat grooter dan de influenzabacil en vormen lange schyndraden; soms zyn cellen er mee volgepropt.

Op bloedagar kan men ze kweeken; ze komen dan morphologisch en biologisch volkomen met den influenzabacil overeen, kunnen echter niet identisch met dezen zijn, omdat ze van typische kinkhoestgevallen uit een epidemie afkomstig zyn.

De kolonies zijn dauwdrupjes, nog helderder, en

Sluiten