Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

XXX. J. H., 6 jaar oud, hoest reeds eenige maanden, doch pas sinds een week typische kinkhoestbuien, met braken; geen complicaties; veel cohaerent, slijmetterig sputum. Op de eerste agarplaat dezelfde kleine kol. als in casus XXVII, doch in kleiner getale. Twee maal onderzocht; op alle platen beide keeren veel geelwitte kol. van beweeglijke staafjes, die in suikeragar gas vormen en ook overigens als bact. coli groeien.

Geen bac. z, doch wel een veel op den bac. z gelijkend staafje gevonden, dat door het serum van Manicatidein een verdunning van 1 : 300 geagglutineerd wordt, in mindere intensiteit echter ook door ander paardenserum.

XXXI. B. K., 6 jaar oud. Kleine slijmvlok uit de pharynx gehaald tijdens typisch acces. Geen bac. z.

XXXII. W. v. O., 6 jaar oud; 7 weken kinkhoest; frequente buien, geen complicaties; veel slijmetterig sputum. Behalve agarplaten ook gelatineplaten (23°) aangewend. Op de eerste voornamelijk streptococcen, op de laatste coccen en langere, vaak gebogen en parallel liggende, staafjes, die door het serum van M a n i c a t i d e 1 : 50 geagglutineerd werden. Geen bac. z.

XXXIII. M. R., 2 jaar oud; pas 1 week typische buien, met neusbloeden enz.. Sputum etterig, geen complicaties aantoonbaar. Drie agar- en 3 gelatineplaten bestreken. Op de laatste alleen coccen, op de eerste o.a. coccobacillen, die veel op den bac. z geleken, doch niet door het serum van M an i c at ide beïnvloed werden. Geen bac. z.

XXXIV. v. L., 2 jaar oud; sinds enkele weken typische kinkhoestbuien ; bronchopneumonie. Het slijmetterige sputum uitgezaaid op agar- en gelatineplaten. De laatste ± steriel; op de eerste evenmin bac. z, doch veel kleine kol. van enorm in grootte verschillende coccobacillen.

XXXV. W. v. L., 2 maanden oud; broertje van vorigen, even lang ziek. Overleden aan kinkhoestpneumonie. Uit het longsap bijna in reincultuur de b. pert. E. opgekomen. In het slijm, aan de perifere luchtwegen op verschillende hoogte ontnomen, kwamen naar de periferie toe al minder en minder van deze bacillen voor; ze werden overwoekerd door kol. van strepto-, staphylo-, pneumoniecoccen en vooral van oïdium. Niets ge-

6

Sluiten