Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ag I is bij die temperatuur in regulair omgeslagen; een overgang, die met inkrimping gepaard gaat en vandaar zeker dat de massa samenpakte. Af en toe werd eens fijn gepoederd, zooals dit ook met het Ag NO3 volgens methode Hissink moest gebeuren om het drogen vlugger te bewerken. Door het samenpakken van het jodide kon dit fijnwrijven hier alleen uitgevoerd worden, wanneer na eenige bekoeling het jodide weer hexagonaal geworden is. Daar Kötiiner en Aeuer (Lieb. Ann. 1904. 337 p. 156 noot) aangetoond hebben, dat Ag I bij temperaturen die aanmerkelijk hooger dan 150 zijn, nog vocht afstaat, werd nu bovendien nog de stof langen tijd in een bruin fleschje boven Hg SO4 bewaard.

Is zilverjodide gemaakt uit CH3 I en Ag NO3 in alkoholische oplossing absoluut ongevoelig volgens Zeisel (Monatsh. f. Chem. 1885. p. 989), mijn Ag I hield zich eveneens goed; het kon dagen lang in t licht staan, zonder dat het merkbaar veranderde van tint. Zuiver zilverjodide is ongevoelig voor licht, maar bevat het wat zilvernitraat dan is het lichtgevoelig (Stas, Oeuvres complètes 1, p. 501 en Köthner en Aeuer, Lieb. Ann.

1904. 337 p. 16S).

De exsiccator met beide zouten stond gewoonlijk in

't donker.

Sluiten