Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ilen 4>/i + i/2 = 43/t 4 heele keeren en s/t keer de op en neergaande beweging volbracht en verkeert dus na den bepaalden tijd van 17 sekunden in de phase :i/4. Het phasenverschil der twee bewegingen bedraagt nu V» — V4 = Va net als bij het begin. Men ziet gemakkelijk in, dat, als de rythnius der beide bewegingen dezelfde blijft ook het phaseverschil niet verandert. Heel anders wanneer de rhythmus van de eene beweging een andere is dan die van de andere. Men kan zich voorstellen, dat de eene persoon den bal steeds wat liooger slaat dan de andere, en hem dus ook wat later weer op zijn racket terugkrijgt; dan is dus de tijd, waarin de eerste bal ééne op-enneer beweging maakt, iets grooter dan van den tweeden bal. Beginnen zij nu op een zeker tijdstip in dezelfde phase, dan zal de eene bal al na ééne op-en-neer beweging iets bij den anderen ten achteren zijn en dus op een bepaald tijdstip in eene andere phase der beweging zijn dan de andere; er zal tusschen de twee bewegingen een p/icue-verschil zijn ontstaan, dat zich bij t voortschrijden van den tijd nog gaandeweg vergroot.

VII.

De tijdsduur, waarin ééne op-en-neer beweging volbracht wordt heet de periode der rhythmische beweging (trillingsperiode).

Ik kan dus zeggen: hebben twee bewegingen verschillende,perioden, dan is hun onderling phase-verschil wisselend van grootte. Is nu de periode der eene beweging 4, die der andere 5 secunden, dan heeft na 20 secunden de eerste 5, de andere 4 geheele op-en-neer bewegingen volbracht. Het is duidelijk, dat beide nu weer in dezelfde phase verkeeren als op het begintijdstip, en zij ook geen phase-verschil zullen hebben, als zij dat in liet begin-tijdstip niet reeds hadden; als zij er wel een hadden, hebben zij nu weer hetzelfde phasenverschil.

Deze gebeurtenis nu, dat het phase-verschil weer hetzelfde is als op het begin-tijdstip, vindt telkens plaats, wanneer de eene bal weer een heele op en neer beweging op den anderen vooruit geloopen is.

Ten slotte wil ik me nu nog voorstellen, dat nog meer dan twee personen ballen rhythmisch omhoogslaan en dat ieder zijn vasten rhythmus bewaart, zoodat elk der ballen eene op-en-neerbeweging

Sluiten