Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

XV.

Vóór Helmholtz schreef men nu inderdaad aan het oor de kunst toe, behalve de amplitude en de periode der trillingen, ook haar vorm te onderscheiden en nam men aan, dat door deze de klankaard als derde in het verbond van sterkte en toonshoogte bepaald werd. H e 1 m holt z echter trachtte aan te toonen, dat niet de curvevorm als zoodanig beschouwd den klankaard bepaalde, maar slechts die oorzaak van verandering van den curvevorm welke bestaat in de aanwezigheid en sterkte der samenstellende enkelvoudige sinustrillingen. Bewegingsvormen dus, die wel verschillend zijn, maar alleen door verschil in de phasebetrekking der overigens gelijke en even sterke enkelvoudige tonen, zouden volgens deze opvatting niet met verschillen in den klankaard correspondeeren, en op het oor denzelfden indruk maken. Om te beslissen, ot dit werkelijk het geval is, trachtte 11 e 1 m h o 1 t z klanken uit enkelvoudige tonen samen te stellen en te zien, of' bij gelijkblijvende sterkte van de boventonen, door verandering in de phaseverschillen verandering van den klankaard werd teweeggebracht. Hiervoor nam hij stemvorken met resonantiebuizen ; zij werden door electroniagneten in beweging gehouden. De klankbuis kan dichter bij en verder van de stemvork afgeschoven worden ; bovendien kan men hare opening door een klep afsluiten.

Is de opening gesloten, dan hoort men haast niets van de stemvork, daar liet toestel door gumniibuizen van de tafel geïsoleerd is. Door de klep gedeeltelijk of geheel weg te trekken, kan men de stemvork zachter en harder laten klinken, door minder en meer volledige resonantie van de klankbuis.

De intermitteerende electrische stroom die de stemvorken door middel van de electromagneten in beweging moet houden, wordt voortgebracht met behulp van een stroomonderbreker, die op de plaats van de door Neef gebruikte trillende veer, eveneens een stemvork bezit. Deze is precies even hoog gestemd als de laagste der voor den proef dienende vorken.

Zijn de klankbuizen gesloten, dan hoort men de stemvorken niet, op een licht gesuis na misschien. Door ze in verschillende combinaties en verschillend ver te openen, kan men klanken samenstellen

Sluiten