Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

elementen in de eerste streek, die Mi 1«* hoeren van een bepaald woord van uit het zintuig of vun uit subcorticale centra een prikkel ontvangen, en aan welke eene bepaalde woordvoorstelling, die we ook met p "kunnen aanduiden, gebonden is. Wij moeten dan aannemen, dat bij het opwekken van deze voorstelling een zekere prikkel van uit de elementengroep P naar alle schorselementen c 7 ,/, e, /', ete die met ,, door geleidingvanen verbonden zijn, wordt voortplant Dit is in de teekening door dunne verbindingslijnen aangegeven. Laat 7 een groep corticale elementen zijn, waarin eene bepaalde optische voorstelling tot stand komt. Willen wfl nu een kind leeren, de optische voorstelling 7 met de acustische p te associëeren, dan doen we dit, door beurtelings de optische en de acustische gewaarwording te doen ontstaan. Evenals van de elementen ,> zal ook van 7 uit bij "t in 't leven roepen van

de optische voorstelling een prikkel zich naar alle met 7 verbonden «chorseleinenteu voortplanten, ™oals in de teekening aangegeven.

Voor de oplossingen nu van von Kries' probleem, waarvan de kern is het ie,,in der baning, de allereerste bevoorrechting der verbinding p 7, te verklaren, is nog slechts deze onderstelling noodig :

In elke baan. tcaarlang* -~ieh ran het eene xehorselement naar het andere een prikkel voortplant, treedt daardoor eene zekere verandering op, die, alUngtskenx eer.zwakkend, een tijdlang blijft bestaan, en die onafhankelijk is van de richting, waarin de prikkel de baan heeft doorloopen. De bedoelde verandering zou b.v. kunnen bestaan in vermindering van den geleidingsweerstand, of in vergrooting van de geleidingssnelheid of in beide. Laat ons 111 deze bespreking gemakshalve zeggen, dat zij i» vergrooting der geleidingssnelheid

bestaat. . .

Hebben wij nu deze rationeele onderstelling gemaakt, dan is inderdaad

het probleem opgelost. Immers, wekt men achtereenvolgens de voorstellingen p en 7 op, zoo geschiedt het volgende. Wordt eerst de groep r geprikkeld, zoo gaan er van p uit verdere prikkels langs alle van p uit geteekeiide pijlen. Daardoor is op al deze banen voo" een korten tijd de geleidingssnelheid vergroot, bv. van 30 op 50 M. per secunde. Na een pnar secunden wordt nu de voorstelling, die bij de schorselementen 7 behoort, in 't leven geroepen. Daarbij straalt van 7 uit langs alle van 7 af geteekende pijlen een prikkel

Sluiten