Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

functie in t gebruikt worden. De waarden, die hij vindt voor de temperatuurscoëflicienten, liggen tusschen 0,00327 (PO en 0,00413 (Fe).

Deze proeven van Arndtsen gaven Clausius ') aanleiding tot de opmerking, dat de zuivere metalen onderling veel overeenkomst vertoonden, en het wellicht mogelijk was, dat alle zuivere metalen dezelfde temperatuurscoëfficient in bovenstaande formule vertoonden. Was dat zoo, dan kon die coëflicient ook niet ver afliggen van de Gay —LussAc'sche constante, misschien er mee samenvallen. In elk geval werd het waarschijnlijk, dat er een belangrijk verband bestond tusschen electriciteitsgeleiding en warmtebeweging der moleculen.

§ Kurt hierna begon Matthiessen i) zijne onderzoekingen over de weerstandsverandering van metalen, later in samenwerking achtereenvolgens met Holzmann 3), von Bose 4) en Vogt Deze onderzoekingen zijn zeker de uitgebreidste en volledigste op dit gebied.

De weerstanden werden bij deze onderzoekingen met de brug van Wheatstone gemeten. Het verschil tusschen de latere en vroegere metingen bestaat enkel hierin, dat bij de latere onderzoekingen de gewone galvanometer vervangen werd door een met spiegelaflezing, doch dit doet tot de nauwkeurigheid der uitkomsten weinig ai.

!) Pogg. Ann. Bd. CIV.

2) Pogg. Ann. Bil. C — Bd. CIII — Bd. CIX.

•ij Pogg. Ann. Bd. CX.

4) Pogg. Ann. Bd. CXV.

5) Pogg- Ann. Bd- CXVIII.

Sluiten