Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

(pag. 4), Caili,etet en Bouty (pag. 14), stelden eene formule op van den vorm

= (1 + af) ). het geleidingsvermogen.

Maar spoedig bleek, dat deze niet voldoende nauwkeurig was. Reeds Lenz (zie pag. 1) nam eene tweedegraadsfunctie en ook Matthiessen (pag. ö) drukt al zijne uitkomsten in den vorm uit

*< = i0(l + a< + /W»).

Ook deze formule bleek echter onvoldoende om de uitkomsten bij nickel en ijzer voor te stellen en dat niettegenstaande het gebied, over hetwelk de proeven zich uitstrekten, slechts van 0° tot 100° reikte.

Siemens —Bakerian Lecture 1871, beveelt den vorm aan : R = « TV» 4. a T + y.

R de weerstand, T de absolute temperatuur.

De formule wordt echter nooit verder gebruikt. Cai,lendar probeert haar, en vindt haar onvoldoende.

Hijzelf geeft twee formules aan, die bij zijne onderzoekingen goed voldeden, n.1.

R = R0 (1 +at + fit*) en

at

R = R0 e 1 + <*'•

Ten slotte gebruikt hij verder den eersten vorm, omdat deze de waarnemingen bij ééne soort ijzer beter voorstelde. Bij platina en bij een ander soort ijzer sluit echter de tweede vorm zeer goed aan (Cali.endar spreekt van een „odd coïncidence" tusschen waarneming en berekening).

Sluiten