Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

INLEIDING.

In zijn dissertatie, getieteld: „De Kerndeeling bij Fritillaria imperialis"1), kwam Sypkens bijna uitsluitend op grond van enkele waarnemingen, door hem tijdens zijn onderzoek gedaan, betreffende de celdeling bij Fritillaria en Yicia faba, tot de konklusie, dat er in 't geheel geen celplaat wordt gevormd. Hoe de jonge cel wand dan wel ontstond, had de schrijver niet nagegaan.

Mo li2), de dissertatie van Sypkens aanbiedende in een vergadering van de Koninklijke Akademie van Wetenschappen te Amsterdam, stelde de betekenis van diens waarnemingen in het licht en wees er op, dat een nieuw, grondig onderzoek van de celdeling in vegetatiepunten, in de opperhuidscellen van varens, speciaal van Aneimia fraxinifolia met zijn afwijkend gebouwde stomata, en in het wandstandig protoplasma van de embryozak, nodig was en wellicht belangrijke resultaten zou opleveren. Dit was de aanleiding, dat ik, nu enkele jaren geleden, begon met een onderzoek over de vorming van de moedercelwand van de stomata bij Aneiviia fraxinifolia, hetwelk mij voerde tot het bestuderen van vegetatiepunten o. a. van

') De dissertatie van Sypkens verscheen korten tijd later in het Eecueil des trav. bot. Xéerl. Vol. I in Duitse vertaling, waarnaar ik zal verwijzen, telkens wanneer dit nodig blijkt.

2) Verslag van de Gewone Vergadering der Wis- en Natuurkundige Afdeling v/d. Kon. Akad. van Wet. te Amsterdam, van 29 October 1904.

1

Sluiten