Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

draden, zowel vóór als na het eerste verschijnen van de celplaat onze feitelike kennis zeer gering is en de inzichten van de onderzoekers, welke zich met deze kwestie hebben beziggehouden, zeer uiteenlopen.

Aangaande het verdere lot van de verbindingsdraden heerst wel in zoverre eenstemmigheid, dat bijna alle auteurs vermelden, dat ze het eerst verdwijnen, als zodanig, in het centraal gedeelte van het complex en ten slotte alle in het cytoplasma worden opgenomen. De opvatting van Timberlake, die hiervan afwijkt zal in het nu volgend gedeelte van dit litteratuuroverzicht, dat handelt over de celplaat nader worden besproken 1).

Ik zal daarbij afzonderlik nagaan: het ontstaan van de celplaat en zijn aard, blijkende o.a. uit zijn gedrag tegenover reagentiën en kleurstoffen.

§ 2. Ontstaan van de celplaat. Strasburger beschreef reeds in 1880 2) bij talrijke planten, hoe de celplaat ontstaat. Hij vond dat deze bij de hogere planten overal opgebouwd wordt uit kleine korreltjes, welke zich lokaliseren in de equator van het verbindingsdradencomplex. Waar kwamen deze korreltjes nu vandaan? „Es ist schwer", zegt Strasburger, „sichere Daten über den Ursprung der die Zellplatte bildenden Elemente zu gewinnen" 3). Hoewel het in de meeste gevallen schijnt, „als wenn die Kürnchen an Ort und Stelle erst gebildet würden", komt het hem waarschijnliker voor, „dass auch in allen diesen Fallen die Zellplatte von hingewanderten Kürnchen gebildet wird, die aber wenn sehr klein, nicht besonders auffallen und erst hervortreten, wenn sie sich in dem Aequator der Faden zu sammeln beginnen'' 2). Hij sluit zich dus aan bij T r e u b 4).

!) Zie pag. 30 e. v.

2) 1. c. pag. 342.

3) 1. c. pag. 343.

4) vgl. pag. 7.

Sluiten