Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van de kernen, die een weinig gedifferentieerde vrij sterk gekleurde massa vormden, niet is afgebeeld, doch enkel hun omvang door een volle lijn is aangegeven, ter onderscheiding van de vacuolen. Of er zich reeds een kernmembraan had gevormd betwijfel ik; ook nucleoli waren nog niet aanwezig.

Dertien minuten na de toevoeging van de sterke Eau de Javelle waren de dochterkernen totaal opgelost; nog 5 min. later waren ook in de rustende kernen van de omringende cellen de nucleoli spoorloos verdwenen. Na een verblijf van 21 uur in de petrischaal in de sterke Eau de Javelle bleek de coupe nog uitstekend gekonserveerd, voor zover het de celwanden en de celplaat betreft, die ook nu weer een fraaie kleur aannamen met methyleenblauw en daarna opnieuw werden getekend. Alle verschijnselen opgemerkt bij de vorige proef herhaalden zich hier, zoals trouwens te verwachten was. Dunner of korter worden van de celplaat heb ik nooit goed kunnen konstateren. Ook bij deze proef openbaart dus de celplaat zijn celwandnatuur.

•4. Fig. 18rt en 18b. Een overlangse doorsnede van de stengeltop van Psilotum, gefixeerd met sterk Flemming's mengsel en -4—5 u dik, werd na kleuring met Delafield'se haematoxyline volgens de celloidinemethode behandeld.

De kleur van de kernen van de getekende cel was donkergrauw-lila, cytoplasina en verbindingsdradenconiplex vertoonden dezelfde kleurnuance, doch waren veel minder intensief gekleurd. De celplaat was iets donkerder violet gekleurd dan de wanden van de moedercel, en duidelik discontinu, wat vooral uitkwam bij draaien aan de mikrometerschroef. Het verbindingsdradencomplex scheen door korrelig cytoplasma van de dochterkernen gescheiden. In het cytoplasma aan de uiteinden van de cel bevonden zich plastiden, welke niet mooi uitkwamen. Ongeveer 15 seconden na toevoeging van de Eau de Javelle trad ontkleuring op. Na 3 minuten traden duidelik de

Sluiten