is toegevoegd aan uw favorieten.

Nieuwe wereld

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

een had meer dan <le bandon vol aan eigen, werk en eigen arbeid.

Kn hoewel meest allen komende uit de Christelijk algesolieiden kerken van Nederland, lieten de verscheidene richtingen, die in het Vaderland de kerk verdeelden, zich ook hier gelden. Het spreekwoord zegt: Onbekend maakt onbemind. Dit werd ook hier bewaarheid. Sommigen vonden zich hier in de nabijheid van leeraars, bun geheel onbekend en somtijds komende uit gedeelten van Nederland, die in andere gedeelten des lands in kwaden reuk stonden; en deze leeraars werden dus door een dool hunner hoorders in het eerst met achterdocht aangeboord. Er was dan ook verschil van richting. Sommigen waren „de Drentsche richting" toegedaan, anderen kwamen van onder den invloed van l)s. Scholten. Sommigen waren gewoon aan de feestdagen, anderen waren beslist er tegen; en velen kwamen van „onder het kruis", anderen van onder P. van Dijk. In die verschillen was reeds aangekondigd eene aanstaande kerkelijke verdeeling.

Een predikant — ondersteund door de met hem overgekomenen kwam iu botsing met hoorders van een andere provincie afkomstig, en werd beschuldigd van „nog wat in den rnensoh te stellen", het geloof voor te stellen als vrucht van „eigen kracht,'' enz. Uitdrukkingen in de preek gebruikt, werden op de klassis gebracht.

De klassis had meer van eene bijeenkomst tot onderlinge bespreking en raadgeving, dan van een lichaam dat wetgevend gezag had. Ds. Wjjckotf maakt melding van deze eigenaardigheid dor toenmalige klassisvergaderingen. Leeraars en gemeenten kwamen hier somtijds voor de eerste maal in elkanders nabijheid en kerkelijke aanraking.

En men voelde de onafhankelijkheid, waarop eene bijeenkomst op zulk eene wijze, recht scheen te geven. Toch hadden allen de gereformeerde waarheid lief; voor die waarheid hadden zij in 't oude Vaderland gestreden, geleden, gebeden. Huil godsdienst was eene wezenlijkbeid; waarachtige godsdienst woonde in het hart en bebeerschte het leven. Ieder huis was een buis des gebeds. Nauwere kennismaking nam toen in de meeste gevallen weg, wat scheidde; bij de leeraars was godsvrucht en beleid; en Ood's gebod was een regel van het leven.

„Al verandert men van land, overal neemt men zijne ziel mede", luidt een gezegde der oudheid, en de IIollandsche ziel is „schuttinglievend". De Afgescheidenen daar ginder, brachten die ziel mede over den Oceaan;