Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

II

HET AMERIKAANSCHE HUIS.

Hebben de Romeinen de wereld kunnen veroveren, doch moesten zij op bet gebied van kunst — ook van bouwkunst — de slaven der Grieken blijven, aan de veroveraars der Nieuwe Wereld kan zulk eene serviliteit niet ten laste worden gelegd. Zéér oorspronkelijk op industrieel gebied, zijn zij het niet minder op dat der architectuur; en het is een ware oogenrust voor den Europeaan, daar nimmer den blik te stooten aan de torentjes, uitstekjes, balkonnetjes, verandatjes, en hoe verder al die piekjes, puntjes en wratjes heeten mogen, waarmede ons eigen werelddeel bekrompenheid van geldmiddelen en afwezigheid van gedachten tracht te bewimpelen. Ja, misschien is nog wel liet meest verbazingwekkende bij dat verbazingwekkende volk — hetwelk wij ons voorstellen als enkel den dollar najagende — dat het tijd heeft gevonden om zich een eigen stijl te scheppen, en dat daar de geldparvenu's enkel hunnen rijkdom doen gevoelen door liet zorgvuldig vermijden van alles wat in den bouw naar opdringerigheid zweemt.

Smaakvolle eenvoud; weinige kleuren, doch die gedurfd, mannelijk, fel; weinige lijnen, doch die sprekend: het geheel niet eene verzameling van details, maar eene gewilde eenheid, ziedaar de karakteristiek van de buitenordonnantie der Amerikaansche woningen; huizen die duidelijk te kennen geven dat zij niet zijn gebouwd ten einde te worden aangegaapt, maar waarin de eigenaar zich kan terugtrekken om te denken, zich te verpoozen, uit te rusten; en niet verondersteld wordt den heelen dag voor liet venster te staan ten einde zicli te verkneukelen in de bewondering van het publiek. Terwijl

Sluiten