Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Jon rand van het bosch, op de helling van een heuvel die uit verweerd rotsgruis bestond.

Men besloot dus zijne gangen te bespieden; maar voordat de particuliere goudmijn van nummer acht ontdekt kon worden, gebeurde er iets noodlottigs: Het hout der benedengaanderijen van „de Hoop" geraakte in brand; enkele mijnwerkers wisten langs de stoep de dertig-meter galerij te ontvluchten en zoo den vijftien-meter tunnel te bereiken, welke naar de open lucht voerde; doch elf mannen vonden hun dood in de diepte, en onder dezen was de bewuste rijkaard. Dus nam hij zijn geheim mede in het graf; doch te Basin zijn velen van meening dat hij zijn schat begroef op de helling van den heuvel ten westen van de mijn, en dat eenmaal in het voorjaar, na het smelten der sneeuw, als de grond papperig wordt en gemakkelijk afglijdt, door een aardschuiving het goud te voorschijn zal komen. En ieder voorjaar gaan sommigen daar rondzoeken en peilen, in de hoop zoo de erfenis te bemachtigen.

Doch nu: vaarwel, erts! dat ons slechts steen schijnt, al weten wij dat het goud bevat. Lang behoudt het dat onaanzienlijk uiterlijk, zelfs na te zijn geroosterd. Want in den „smelter" liggen voor den oningewijde niets dan vuile hoopen aarde; van goudglans geen spoor. Wat het meest opvalt — wij zijn 1111 in Denver, waarheen per spoor de nabij de mijnen fijngestampte en uitgezeefde ertsen worden vervoerd — is de zeer hooge schoorsteen. Op een 11a de hoogste ter wereld: honderd meter hoog: bijna de evenknie dus van den Utrechtsehen domtoren. Is dit 0111 meer trek te geven? Integendeel, om te beletten dat de metaaldeeltjes (hoofdzakelijk goud) al te grif

25

Sluiten