Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dan met de overeenkomstige normalen in de twee andere symmetrievlakken, die als zijdelingsche normalen te beschouwen zijn, de 3 stabiele oplossingen van het geval I.

Komt het zwaartepunt binnen het vakje III, dan wijst de normaal, rakende aan P, een stabielen stand aan, terwijl ook de normaal, rakende aan C Q, dit karakter behoudt.

Dit laatste komt in elk der symmetrievlakken voor. In III komen dus 4 stabiele standen voor. Opmerkende, dat de

I 3

coordinaten van S zijn: § = /) = £ = I k 1/2, blijkt dus, dat 't zwaartepunt van den kubus in III zal vallen, zoolang

1 , V

2 k ) a ■ 1 k |/2

2

16 1

of > £ > .

81 6

Voor c — valt het zwaartepunt juist in S, voor 81

grootere waarden van £ komt het in VII, waar O P de eenige normaal is en een stabielen stand aanwijst.

Aan de bolle zijde van het (Z) opp. kan 't zwaartepunt niet komen, alvorens het 't snijpunt van O P met 't (Z) opp. overschreden heeft. Op het oogenblik van overschrijden is

daar a = k, dus £ = ^. Voor grootere waarden van £ is dan

3

geen evenwichtsstand mogelijk, waarbij de drie verlengde ribben door het niveauvlak gesneden worden.

Zie voor 't geval £ = ^ alsnog g 60.

Sluiten