Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De totale intensiteit van het buigingsbeeld is blijkbaar:

I = — a1, e

waarmede de uitkomst van de sommatie:

* = * ij I=i0 + 2 v ik = -1- a > i = 1 e

overeenstemt. Dit alles is reeds vroeger gevonden.

Onderstellen we nu dat we alleen met den tweeden rooster werken; de gegevens zijn p'. q' en p' + q' = e'\ het invallend licht als boven. Wij verkrijgen weder eene rij lichtpunten loodrecht op de richting der spleten en met het centrale lichtpunt in het hoofdbrandpunt; de onderlinge afstand dei-

lichtpunten is thans =-£■• Noemen we de intensiteiten: i'—i, *'0» *' + j.

dan is:

. , k /)' TT

, 81ÏI' ,

l e' I

en

I' = Jl', a\

e

Het is duidelijk, dat, wanneer men met één rooster te doen heeft, bij verandering der intensiteit van het invallende licht die van eiken buigingsbundel en van het geheele diffractiebeeld in dezelfde verhouding zal veranderen.

Gaan wij thans over tot het geval van de twee gekruiste roosters. De eerste splitst het invallende licht in een aantal golfstelsels:

. . . . , " + 1? ^ + 21 • ' • •

Sluiten