Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Wanneer in het eerstgenoemde geval (wind ZZO tot ZZW) de wind naar W of WNW gaat, dan kunnen wij, als de depressie van weinig beteekenis is, helder en beter weder verwachten en wolken in den vorm van altocumulus, groote vederachtige stapelwolken of cumulistapelwolken, die wij later beschrijven.

6. Strato-cumulus.

Hieronder verstaan wij wolken in den vorm van dikke balen of donkere rollen, die dikwijls (voornamelijk 's winters) den geheelen hemel bedekken, en daaraan soms een gegolfd aanzien geven.

Men noemt ze lagen-stapelwolken, groote langwerpige wolken, waarvan het bovendeel uit cumuli bestaat, terwijl het onderdeel meer een donker geheel van strati is.

Wij kunnen onder deze soort alle wolken rangschikken, die wij veel in onstandvastig weder, maar vooral in den tijd der hondsdagen en des voorjaars in April en Mei waarnemen.

Hoewel in zekeren zin in kleur en vorm met cumulonimbus overeenstemmende, komen deze niet aan den horizon op, maar worden daarboven gevormd en trekken op betrekkelijk geringe hoogte over, of voorbij ons heen, omdat het veelal wolken zijn, die veel waterdeelen bevatten.

Uit deze wolken komen ook de zoogenaamde wind- en waterhoozen, en wolkbreuken.

Terwijl het bovendeel bestaat uit koppen, die een min of meer licht-grijze kleur hebben, is het onderdeel meer grauw en donker van tint, deels omdat deze deelen in de schaduw van de wolk liggen, terwijl de koppen in ieder geval aan krachtiger licht blootgesteld zijn, deels omdat de toestand van iedere wolk van dien aard is, dat het gedeelte, waarin zich de meeste waterdamp bevindt, een donkerder aanzien moet hebben.

Sluiten