Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bij hot raadplegen van den barometer zal men dan ook meestal opmerken, dat deze óf is blijven staan, óf reeds weder dalende is.

Wanneer de NWestewind echter door het Noorden naar NNO draait, zal de barometer onafgebroken doorrijzen, en de wind, nadat de barometer een stand van 7Ij7 a 768 mM. heeft bereikt, allengs afnemen, en dan zal er, wanneer de barometer een stand van 771—772—77.") mM. heeft aangenomen, slechts een matige koelte waaien, en schoon weer zijn.

De depressies, eenmaal voorbijgegaan, keeren niet tot ons torug, maar verwijderen zich meestal in NOostelijke richting, waarbij de kustlijnen, de uitgestrektheid van landoppervlakten en de rondom haar heerschende toestand van don dampkring oen belangrijken invloed op haar loop uitoefenen, zooals wij reeds in het hoofdstuk depressies aantoonden. Die streken, welke dan aan de rechterzijde van de door de depressie gevolgde baan liggen, (waarbij men zich moot voorstellen het gelaat gekoerd te hebben naar de richting, waarin zij trekt), hebben den meosten regen.

Een deel van de gecondenseerde (verdichte) waterdamp valt ook wel eens in een anderen vorm dan regen, als sneeuw, hagel, soms wel als ijzel neder.

Vooral ijzel en sneeuw zullen veelvuldig op hoogere breedten in het regenlooze gebied voorkomen.

Als men een goeden standaardkwik-barometer heeft, zal men ook bij sommige onweersbuien een zeer merkwaardige daling en rijzing kunnen waarnemen, n.1. wanneerdobui op ons toekomt, boven ons is, en voorbijgaat.

Bij een kwik-barometer staat hot kwik voor en tijdens een onweersbui hol, na de bui bolrond, met sommige onweders het tegenovergestelde, tijdens het onweder bol, na het onweder hol.

Als een barometer begint te rijzen, kan de opmerk-

Sluiten