Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zame waarnemer ook zien, dat het kwik eenigszins bol staat in de buis, voordat men op de schaal de rijzing kan waarnemen. Bij het dalen staat eveneens het kwik in de buis hol, voor men de daling op de schaal waarneemt.

Onder de keerkringen in den NOost en ZOost passaat is de gemiddelde stand van den barometer 769 — 770 tot 772 mM., in den ZOost passaat iets lager.

In beide passaten staat hij 's avonds en 's morgens ongeveer 6 uur het laagst, begint te rijzen tot den middag, om dan weer te dalen, totdat hij tegen 6 uur zijn laagsten stand heeft bereikt.

Eigenaardig is het. dat de kracht van den wind hiermede gelijken tred houdt, toenemende tot den middag en dan weer afnemend, alsof dit alles door een uurwerk is geregeld.

Dit is zelfs in den zomer benoorden Portorico en St. Domingo in die mate het geval, dat wanneer het scheepsvolk even na 12 uur gaat eten, alles aan het tuig van het schip buigt, kraakt en gespannen staat door de kracht van den wind, en het schip met een verbazende snelheid door het water gaat, terwijl na verloop van een goed Vs uur, wanneer het volk weder aan dek komt, en van roerganger verwisselt, ieder kan opmerken, dat de wind veel in kracht is afgenomen.

„Gewoonte is echter tweede natuur, en kennis kracht."

Wie hier meer is geweest en er dus aan gewend is, maakt zich niet ongerust; wie het door studie weet, evenmin ; maar iemand, die hier voor de eerste maal komt en geen kennis ervan heeft, zou voor de kracht van den wind minstens lichte en bovenzeilen innemen, omdat hij niet weet. met hoeveel kracht en hoe lang de harde wind zal aanhouden.

Wie echter ermee bekend is, neemt zijn voorzorgen voor zeilen en spieren, door ze beter te bevestigen, slaat

Sluiten