Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

(voor ooievaars kikvorschen enz.) zich niet zoo sterk vermenigvuldigen als bij warm weder, de voedselvoorraad voor de trekvogels is dus niet voldoende voor hun onderhoud aanwezig; vandaar dat ze genoodzaakt zijn vroeg te vertrekken.

Wanneer de zwaluwen hoog in de lucht zweven, dan is de wind reeds Zuidelijk, althans de temperatuur boven de normale van de vorige dagen.

Vliegen zij daarentegen laag bij den grond, dan is de wind reeds Noordelijk en de temperatuur beneden de normale van de maand.

Het weer behoeft dus niet meer voorspeld te worden.

De muggen nu, die ten getale van millioenen door hen gevangen worden, zijn zoo licht en hebben zoo weinig weerstandsvermogen, dat zij door de meerdere drukking der lucht met koude Noordelijke winden niet bij machte zijn om hoog naar boven te trekken.

De zwaluwen vliegen dan laag bij den grond.

Met Zuidelijke, warme winden en dus mindere drukking der lucht is dit beletsel opgeheven.

Dan kunnen de muggen (ook wel neefjes genoemd) zich vrij en ongehinderd hoog in de lucht boven ons bewegen, waarheen de zwaluw ze weer volgt.

Men zal bij eenig nadenken er dan ook gereedelijk toe komen het feit, dat men op ongewone tijden insecten, wormen of vlinders ziet, niet aan hun weerkennis, maar aan natuurlijke oorzaken, hun instinct, maar vooral aan hunne natuurlijke behoeften toe te schrijven.

Bruinvisschen aan de kusten, in zeegaten, of in de nabijheid van zeedijken, in groepen in het water spelend en buitelend, zeemeeuwen in groote hoeveelheden op het land, in binnenwateren, kanalen en grachten, zijn „voorteekenen van slecht weer," zegt men.

Neen, de oorzaak is en blijft: behoefte aan voedsel, dat

Sluiten