Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Reeds in Mei 1848 werd hij zaakgelastigde ad interim te Brussel en in 1849 als attaché aldaar benoemd, 0111 in 1852 als raad van legatie te Londen op te treden. In Mei 1854 benoemd tot zaakgelastigde ad interim te Constantinopel, zag hij zich 31 Augustus 1854 definitief als zoodanig benoemd, in 1856 tevens bij het hof van Griekenland, en werd in 1860 eervol teruggeroepen wegens zijne benoeming tot Minister van Buit. Zaken, 8 Maart 1860—31 Januari 1862. Na tot September 1862 lid der 2e kamer voor Zwolle te zijn geweest, werd hij in hetzelfde jaar benoemd tot gezant te Berlijn voor Pruissen, koninkrijk en groothertogdom Saksen en in 1865 eervol teruggeroepen, Mei 1865—Juni 1866 lid van de 2 kamer voor Amsterdam, 1 Juni 1866 4 Juni 1868 weder Min. van Buit. Zaken, 1869—1871 Gezant te Sint Petersburg. Sept. 1871—Sept. 1875 lid 2'" kamer voor Arnhem, K. B. 17 Oct. 1875 n°. 5 Gezant te Weenen, K. B. 14 Sept. 1883 n°. 41 met ingang van 20 d. a. v. eervol ontslag op verzoek K. B. 6 Juli 1883 n°. 11 benoemd tot lid van den Raad van State, overleden te 's-Gravenhage 2 April 1894.

Hij was grootkruis van den Ned. Leeuw, van de Eikenkroon, van den Rooden Adelaar van Pruissen, en van de orde van den verlosser van Griekenland, kommandeur der Leopoldorde, ridder i«' kl. der orde van Medjidié van Turkije, ridder van de orde van den Poolster vau Zweden, lid der ridderschap van Zuid-Holland en sedert 1850 kamerheer in buitengewone dienst.

De twee voorgaande penningen werden aan de beide oud-ministers door mr. J. M. de Kkmpenaer en G. W. Vreede den 9 April 1869 uit naam van een aantal vaderlandslievende medeburgers in goud, zilver en brons aangeboden.

120. 1868.

25 Jarig- bestaan der liedertafel „Oefening en Uitspanning" te 's-Hertogenbosch.

Vz. Een kussen waarop, op een muziekblad, een lier geplaatst is, waarover een lauwerkrans hangt en waartegen een boek rust. Daarachter een dirigeerstok.

Omschrift: DE LIEDERTAFEL OEFENING EN UITSPANNING. 'S BOSCH.

Sluiten