Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

EN BUITENZORG.

loop der eeuwen over geheel Nederlandsch-Indie heeft uitgebreid. Daar werd in i6ii, op het grondgebied van den Pangeran van Jacatra, door den G.-G. Pieter Both eene factorij gesticht, waar omheen Jan Pieterszoon Coen in 1618 een fort bouwde. Dit werd weldra door Jacatranen en door Engelschen bestookt, doch na vier maanden gelukte het J. P. Coen, met behulp van uit de Molukken aangekomen versterkingen, de veste te ontzetten. Jacatra

werd vernield, en het nieuwe fort werd de hoofdzetel van ons gezag in Oost-Indië. De eerste uitbreiding der bezitting geschiedde krachtens eene resolutie van den Gouv.-Generaal en Raden van 29 Maart 1620, waarbij de Indische Regeering verklaarde dat: „Het land van Jacatra strekt aan d' oost-

zyden tot aan de limieten van den Coninck van Cheribon, aan de westzyden tot aan die van Bantam, aan de zuitzyden telanden tgeheele lant over tot aan de Zuyderzee, aan de noortzyde te water over de zee ende alle d'eylanden hieromtrent liggende."

Naast het fort werd de stad gebouwd naar een Hollandsch plan, met straten en grachten. In 1806 is het fort op bevel van Daendels geslecht, zoodat alleen de Buitenpoort of Penangpoort bleef bestaan. Genoemde bewindsman droeg er veel toe bij om het middelpunt der Europeesche samenleving van Batavia naar het hooger gelegen Weltevreden te verplaatsen. Batavia was nl. zóó ongezond

Sluiten