Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Des ochtends gingen verschillende groepen officieren den Bontoe Batoe opnemen; ik vergezelde hierbij kapitein ten Seldam en Aerssen. 's Middags werd in het bivouak onder een waterval gebaad, en daarna gingen wij den overste begroeten.

De eerste groote verkenning zou den volgenden morgen plaats hebben. Daartoe rukten uit: de overste, de twee majoors, de kapiteins de Jong, de Bruyn en ten Seldam, en Ardenne; ik voegde mij bij hen. Doel van den tocht was

Verkenning van den Bontoe Batoe.

den Bontoe Batoe van den oostkant te onderzoeken, d. i. van den kant waar de vroegere aanval had plaats gevonden. Van twee heuveltoppen, die 7 a 800 meter van de verschansingen verwijderd zijn, werden deze waargenomen. Op een dier toppen was eene wacht geplaatst, die eene daarbijgelegene bron kon bestrijken. Waterhalen was hier dus voor den vijand onmogelijk. Met verrekijkers kon men duidelijk de Boegineezen zich in hun rotsnest zien bewegen; zeer donkere, kwade gezichten waren daaronder. De meeste lieden hadden roode sarongs of vuile witte kleeren aan; voorts zagen wij enkele vrouwen, naakte Toradja's en mannen

Sluiten