Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De functie / is theoretisch nog niet afgeleid geworden. De praktijk heeft echter een groot aantal bij elkander behoorende waarden van ƒ en F bepaald en daardoor is de grafische voorstelling der functie mogeiijk. Zooals duidelijk is speelt de ijzersoort daarbij een belangrijke rol. In fig. 20 is de grafische voorstelling gegeven van I ~ f{F)- De waarde van 1 stijgt in den beginne vrij snel, daarna minder (de kromme vertoont een «knie") en eindelijk is de stijging \an 1 zeer gering. Hare waarde nadert asymptotisch tot een maximum. Men mag hieruit alleiden dat, zoodra de waarde van F een zeker bediag heeft overschreden, de waarde van 1 bij benadering als constante mag worden opgevat.

De verhouding

<=;•

heeft men de vatbaarheid voor magnetisatie of wel de susceptibiliteit \an het ijzer genoemd. Deze verhouding is ook een functie van F en knn grafisch voorgesteld worden door een lijn, die asymtotisch tot de A-as nadert. De waarde van k neemt in den beginne iets toe, verkrijgt een maximum en daalt daarna. (Zie figuur 26).

Is in een veld met veldsterkte F een stuk ijzer gebracht dat daar een magnetiseerings-intensiteit I verkrijgt, zoo levert deze magneet nog At Ikrachtlijnen per cMJ. der neutrale doorsnede, liet totale aantal krachtlijnen binnen liet ijzer is dus geworden:

B = F-\- At l.

De waarde II heeft men de magnetische inductie genoemd. Wij zullen later zien dat de electrische stroomen, die door beweging in een of van een magnetisch veld ontstaan, afhangen van deze waarde. De grafische voorstelling dezer functie is ook in figuur 20 gegeven.

Eindelijk heet

li F

de doordringbaarheid of permeabiliteit van het ijzer. Zooals duidelijk is, is:

fj. = 1 -)- At k;

j" is ook functie van F en zij kan op gelijke wijze grafisch worden voorgesteld. (Zie fig. 20).

Sluiten