Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Waar de wetgever het kind het schoolgaan gelast, daar is naar veler meening, zijn taak te zorgen, dat het kind zijn gezondheid daardoor niet in de waagschaal stelt.

Van de onderwijzers is het niet te vergen, ook al zouden zij betere kennis van de hygiène bezitten, dan meestal het geval is, dat zij zelfstandig voor de gezondheid van het kind zullen gaan waken. De geneesheer behoort hen ter zijde te staan, de schoolarts zij hun vertrouwde, hun hulp, hun steun.

Zoo weinig als de therapeutische geneeskunst bijdraagt tot verbetering van de volksgezondheid, hoe noodig zij moge zijn voor het individu ten koste van de soort, zooveel kan de voorzorg, waarmee de hygiène het schoolkind omringt, oorzaak zijn, dat niet alleen de sterfte in den kinderlijken leeftijd afneemt, maar ook het aantal zieken en zwakken, tot tuberculose en zenuwziekten voorbeschikten, vermindert. Daarenboven heeft zij nog ten gevolge, dat zij afwijkingen van lichaamsbouw, lichaamsminderwaardigheden, in de kiem ontdekt. Zij worden verhoed, verdwijnen, tot zegen voor het individu en het ras.

Hoe heerlijk vermag de schoolarts niet af te weren de toevallige schadelijkheden, die het kind kunnen deren. De besmetting te voorkomen bij de groote groep der besmettelijke ziekten, veel grooter in aantal dan de wet op besmettelijke ziekten noemt, is mede zijn taak.

Op eenvoudige wijze is de verspreiding van de mazelen door de school te voorkomen. (Zoodra er in de klasse een geval van mazelen zich voordoet, wordt dit nauwkeurig aangeteekend en na 9 dagen wordt den kinderen 6 dagen vacantie gegeven. Het ziek geworden kind heeft nl. vermoedelijk andere besmet. Wij weten nu, dat de besmetting in de allereerste dagen van de ziekte het grootst is en na een dag of vijf, als de huiduitslag er is, met de komst van deze, eigenlijk verdwenen is. Alle kinderen, die door het eerste kind waren besmet, zullen dus op dien eersten vacantiedag zich ziek gevoelen, hangerig zijn. Na een dag of vier komt de uitslag en blijken de kinderen mazelen te hebben. Wie niet ziek werd, dus niet besmet was door den eersten zieken leerling, komt na de vacantie weer frisch en wel op school. De besmetting is dan geweken).

Hoeveel levens zouden niet gespaard kunnen worden door een zoo betrekkelijk eenvoudigen maatregel, levens, die, toevallig zwak als ze wellicht zijn, door de ziekte gewis ten grave gesleept

Sluiten