Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

toch ontslag moet volgen, omdat zij te oud worden voor het jongenswerk en er geen plaats voor hen is in vasten gemeentedienst, wordt hier binnen vaste grenzen beperkt.

De heer Van der Kemp betoogde in de Vragen des Tijds, dat het wenschelijker is voor „jeugdige werklieden" het z. i. goed Hollandsche „jongmaatje" te gebruiken. In enkele reglementen wordt deze benaming dan ook gevolgd, bv. Dordrecht, 's-Gravenhage, Zaandam. Met dit woord wordt toch dezelfde categorie van werkkrachten aangeduid. Zoo staat in 't Zaandamsche reglement te lezen: „Leerlingen of jongmaatjes zijn alle werklieden beneden 20 jaar." Zelfs al treft men alleen de benaming „leerling" (Maastricht en Enschedé), of „aankomende werklieden (Delft) aan, dan heeft men daardoor toch dezelfde groep willen onderscheiden als te Amsterdam met „jeugdige werklieden.

De aanstelling geschiedt, nadat aan verscheidene eischen is voldaan (b.v. ingezetenschap of langdurig inwonerschap, leeftijdsgrenzen, keuring, tijdelijk aangesteld of los werkman geweest, bewijs van goed gedrag enz.), van de jeugdige en losse en tijdelijk aangestelde als regel door het hoofd van den tak van dienst of van het bedrijf, van de vaste werklieden door Burgemeester cn Wethouders, zelden van alle werklieden door B. en \V. (Kampen). Meestal zijn B. en W. gebonden aan een voordracht of advies. Aan de voordracht van het hoofd van den dienst gebonden zijn Burgemeester en Wethouders van Amsterdam, Dordrecht, , Enschedé (aanbeveling), Delft (overleg), Deventer (gehoord den chef), Haarlem, Gouda, Bussum, Zaandam (gehoord den hoofdambtenaar), Leiden (aanbeveling), 's-Gravenhage (aanbeveling), terwijl door hen bovendien het advies moet worden ingewonnen van de commissie van bijstand te Maastricht, Enschedé, Gouda,

Zaandam en Kampen.

In 't bijzonder moet in dit opzicht Zutfen vermeld worden,

waar de vasten niet alleen kunnen worden benoemd of ontslagen door Burgemeester en Wethouders, maar ook „door de daarvoor bij verordening aangewezen commissie." Te Arnhem worden ook de vaste werklieden aangesteld (en ontslagen) door den directeur, maar na verkregen machtiging van Burgemeester en Wethouders of de daarvoor bij verordening aangewezen commissie.

Behalve of in plaats van een bewijs van aanstelling, ontvangt de gemeentewerkman soms een dienstboekje waarin heel zijn

Sluiten