Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

mogen maken, dat het toenmalige dagelijksch bestuur onzer hoofdstad de mogelijkheid wilde openhouden in buitengewone gevallen den werklieden ook anderen arbeid op te dragen, doch als regel hen niet zouden willen „uitleenen" of „onderkruipersdiensten" doen verrichten.

Werd er zoo juist al van „werkstaking" gesproken, een veiligheidsklep daarop is het voorschrift, in bijna alle reglementen opgenomen, dat de chefs wekelijks een spreekuur moeten houden om den werklieden gelegenheid te geven „mondeling mededeelingen te doen, welke zij in hun belang of in dat van den dienst noodig achten." (Amsterdam). Te Alkmaar mogen niet alleen „mededeelingen" worden gedaan, maar mogen besproken worden „zaken den dienst betreffende, voor zoover hunne persoonlijke belangen daarbij zijn betrokken." Te Deventer is het zelfs vergund „vragen" te doen. Te Haarlem worden naast „mededeelingen" ook „klachten over in rang boven hem geplaatsten" toegelaten.

Misschien vindt de chef of directeur niet altijd „de mededeeling" even gewichtig of vergeet hij de klacht wel eens. Althans Leiden bepaalt, dat hij „van het verhandelde mededeeling doet aan de commissie van bijstand of beheer." Deventer herhaalt in haar reglement het petitierecht, dat den werklieden reeds door de grondwet is gewaarborgd, in art. 7: „Verkrijgen zij daar (chef van den tak van dienst) geen gehoor, dan kunnen zij zich bij eigenhandig geschreven en onderteekende brieven tot het college van Burgemeester en Wethouders wenden." Nog vermeldingswaard in dit verband is eene alinea uit het desbetreffende Delftsche artikel: „Het hoofd van den tak van dienst maakt proces-verbaal op van het hem medegedeelde of de hem gedane verzoeken en laat dit bij wijze van instemming door den woordvoerenden werkman na voorlezing onderteekenen."

Nieuwe toestanden voeren tot nieuwe denkbeelden. In enkele gemeenten is het niet noodzakelijk, dat de arbeiders voor zich persoonlijk het woord komen voeren. Te Delft zullen de werklieden „het doen van deze mededeelingen of verzoeken mogen opdragen aan mede-werklieden bij den tak van dienst." Iets ruimer stelt Enschede de grenzen: „Na schriftelijke aanvrage, behelzende de mededeeling van de onderwerpen, waarover de bespreking wordt verlangd, ontvangt het hoofd van den tak van dienst ook de afgevaardigden van vereenigingen van werklieden

13

Sluiten