is toegevoegd aan uw favorieten.

Modern gemeentebeheer

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

getale niet verwacht mag worden. Het overwicht der slechte risico's zal de kas op den duur ten gronde moeten richten.

Tegen de laatste soort algemeene vereenigingen wordt nog dit bezwaar aangevoerd, dat de uitkeeringen uit de vereenigingskas verstrekt, niet alleen gevormd zijn door bijdragen van werklieden, maar ook door andere, niet tot den stand der arbeiders behoorende personen. Hoe meer de laatsten storten, des te hooger bedrag zal automatisch door de gemeente aan de werklooze arbeiders dier vereenigingen moeten worden uitbetaald. De grondgedachte van het Gentsche stelsel, meenen zij, is hierbij geheel verloren gegaan, nl. dat alleen hij, die zich zelf verzekerd heeft, daartoe door de gemeente moet worden aangemoedigd.

De verordeningen der gemeenten Hilversum en Middelburg toonen ons, dat daarboven bedoelde vereenigingen van vakgenooten zijn toegelaten.

Dat de vereenigingen tot het fonds toegelaten, behalve vakorganisaties of vereenigingen van vakgenooten ook mogen zijn vereenigingen van enkel loontrekkende personen, daarvan levert het Haarlemsche fondsreglement het bewijs.

In Den Haag heeft men niet alleen het Noorsche stelsel toegepast, maar is ook de mogelijkheid opengelaten, die men ook benut heeft, dat vereenigingen als Patrimonium, R. K. Volksbond en dergelijke toegelaten kunnen worden tot het gemeentelijk fonds ter bevordering der verzekering tegen de geldelijke gevolgen van werkloosheid.

Op alle gegeven voorbeelden maakt Weesp een uitzondering. Daar is geen afzonderlijk fonds gesticht, doch zette de raad een memorie-post van f\.— op de begrooting, om rechtstreeks uit de gemeentekas steun te kunnen verleenen aan corporaties in de kosten van de verzekering, wanneer deze er om mochten vragen.

In hoever men in de verschillende gemeenten het gestelde doel bereikt heeft, moge uit de volgende opgaven blijken. Deze opgaven beperken zich nog tot enkele gemeenten, daar in zeer vele pas in het einde van het afgeloopen jaar of in den aanvang van dit jaar besloten werd tot stichting van een gemeentelijk fonds, zoodat deze fondsen bij het schrijven van dit hoofdstuk nog niet in werking waren getreden.