Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

jfw.

Bij een vloeistof die besloten is tusschen twee zuigers, waarvan de een naar binnen gaat en de andere terugwijkt, kan men zich gemakkelijk daarvan overtuigen; men moet daarbij in aanmerking nemen dat de totale krachten op de zuigers evenredig met bun oppervlakken zijn.

b. De druk dien een vloeistof of een gas tegen de begrenzende wanden uitoefent, is gelijk en tegengesteld aan dien, welken de stof zelf ondergaat; de arbeid ervan wordt derhalve gevonden door den druk per vlakte-eenheid met de volumevermeerdering te vermenigvuldigen.

c. Hij een onsaniendrukbare vloeistof verrichten de uitwendige drukkingen wel een arbeid, wanneer zij van een plaats waar de druk hoog is, stroomt naar een andere,

waar hij lager is. Bevindt zich " 1 b.v. de vloeistof tusschen twee

zuigers a en b (Fig. 196), tegen welke per vlakte-eenheid de drukkingen p en p' werken en die zich tot in a' en b' verplaatsen,

dan vindt men, door toepassing van de boven onder a gebezigde redeneering, dat de gezamenlijke arbeid van de drukkingen is

(P-P') V.

Daarbij is V het volume dat tusschen a en er', of tusschen b en b' begrepen is, dus ook het vloeistofvolume dat door een willekeurige doorsnede tusschen a en b ge stroomd is.

§ 208. Toepassing van liet beginsel van den arbeid op liet evenwicht van vloeistoffen. Uit alle verschijnselen blijkt dat, behoudens een omstandigheid die later besproken zal worden, het inwendige arbeidsvermogen van een vloeistof bepaald is door het volume en de temperatuur. Blijven deze onveranderd, en kan men van het opnemen of afstaat} van warmte afzien, dan moet dus aan eiken arbeid van de uitwendige krachten een vermeerdering van de kinetische energie der zichtbare bewegingen beantwoorden. Wij zullen in de volgende § een toepassing hiervan maken op een

Sluiten