Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

temperaturen daarvan 7\ en 7', noemen. Wij onderstellen dat Ti > 7'2 is.

1 er der nemen wij aan dat de veranderingen zeer langzaam <jeheuren, p» / het werkende lichaam eerst dan met een warmtereserroir in aanraking wordt gebracht, wanneer het door dc voorafgegane adiahatische verandering de temperatuur van dat reservoir heeft aangenomen. I)e kringloop kan dan zoowel in de eene a/s in de andere richting doorloopen worden.

Bij een dezer richtingen — wij zullen deze de eerste noemen — levert de kringloop een zekeren positieven mechanisclien arbeid A- het is gebleken dat daarbij bet lichaam altijd een hoeveelheid warmte aan het reservoir Rl van de hoogste temperatuur ontleent, en een hoeveelheid Q„ aan l>'2 afstaat. Natuurlijk is > (j,; liet verschil —(J2 beantwoordt nl aan den arbeid. Wij kunnen gevoegelijk zeggen dat, terwijl de hoeveelheid warmte (,), verbruikt is om arbeid te verrichten, de hoeveelheid (J2 van het reservoir L'l naar liet reservoir //„ is overgebracht. Derhalve:

Het is onmogelijk, dooreen kringloop van ('aknot een hoeveelheid warmte, die aan een reservoir van hooge temperatuur ontleend wordt, geheel in mechanisch arbeidsvermogen om te. zetten; een qcdeeAte van deze warmtehoeveelheid wordt a/s warmte teruggevonden, en nel in een lichaam (nl. I{„) van lagere temperatuur.

Do breuk

V, '

/lïr* 11. 1 li. .1 f, « <

die aangeeft welk gedeelte van de aan onttrokken warmte tot het verrichten van arbeid gebruikt wordt, noemen wij het nuttig effect van den kringloop.

ï tet getal

-=7T%r = I-l

Qx — Qz

geeft aan hoeveel calorieën van I'l naar A', worden overgebracht tegen één calorie die voor mechanischen arbeid dient.

Wordt de kringloop in omgekeerde richting, dus in de tweede richting, doorloopen, dan is de arbeid van het werkende lichaam negatief, nl. — A, m.a.w. de uitwendige krachten verrichten een arbeid -j- A. Aan 1(2 wordteen hoeveelheid warmte onttrokken,

fjYS

Sluiten