Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

jifi

spanning spreekt, kan men ook zeggen dat de verzadigde damp een maximum van dichtheid heeft.

Om de verdamping waar te nemen en de spanning van den verzadigden damp bij niet te hooge temperaturen te meten, kan men de vloeistof boven het kwik van een barometer laten opstijgen; de damp is verzadigd zoodra er nog eenige onverdampte vloeistof overblijft. De spanning van den damp leidt men uit de neerdrukking van het kwik af. Door nu de geheele barometerbuis met een verwarmingsmantel te omringen, toont men aan dat de spanning van den verzadigden damp snel met de temperatuur toeneemt, en wanneer men let op de hoeveelheid vloeistof die men in de buis moet brengen om een bepaalde ruimte „met damp te verzadigen", blijkt liet dat dit ook het gevat is niet de dichtheid van den verzadigden damp. Kei) bepaalde ruimte kan des te meer damp bevatten, naarmate de temperatuur hooger is.

Natuurlijk kan men met de barometerbuis niet verder gaan dan tot de temperatuur waarbij het maximum van spanning gelijk is aan de dampkringsdrukking. Om bij hoogere temperaturen te werken moet men zich van andere hulpmiddelen bedienen

\ an den invloed der temperatuur kan men zich gemakkelijk rekenschap geven. Is er eerst evenwicht tusschen vloeistof en damp, en verhoogt men dan de temperatuur, dan zullen meer molekulen een zoo groote snelheid krijgen, dat zij uit de vloeistof kunnen wegvliegen. Eerst nadat de damp een grootere dichtheid heeft gekregen, zal er op nieuw evenwicht zijn.

Men heeft ook de verdamping onderzocht in een ruimte die reeds lucht of een ander gas bevat, en gevonden dat daarin de damp ten slotte dezelfde dichtheid krijgt als in een eerst ledige ruimte. Daar nu een mengsel van twee gassen een druk uitoefent, gelijk aan de som van de drukkingen, die elk der bestanddeelen in hetzelfde volume en bij dezelfde temperatuur zou vertoonen, ondervinden in den evenwichtstoestand de wanden, behalve den druk dien het gas oorspronkelijk uitoefende, de spanning van den

Sluiten