Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

drukking van een gas do aantrekkende krachten hoe langer hoe meer op den voorgrond zullen treden en dat ook, als de deeltjes eenige uitgebreidheid hebben, hun gezamenlijk volume eindelijk niet meer te verwaarloozen zal zijn tegenover de geheele door het gas ingenomen ruimte. Door deze beide omstandigheden in de theorie op te nemen is van der Waals er in geslaagd, van verschillende in de laatste § § vermelde feiten een verklaring te geven en bovendien tot vele andere belangrijke gevolgtrekkingen te geraken. \\ ij kunnen die theorie hier niet volledig behandelen, en alleen op eenige hoofdzaken wijzen.

Zooals reeds werd opgemerkt (§ 278) worden de bij waterdamp en koolzuur waargenomen afwijkingen van de wet van Boyle verklaard uit de molekulaire attractie; deze heeft ten gevolge dat de samendrukbaarheid grooter is dan die wet verlangt. Ook de verdichting tot een vloeistof moet aan de aantrekking worden toegeschreven. Daarentegen is het aan de uitgebreidheid van de molekulen te wijten, dat liet volume van water, als de druk met 1 atmo-

spheer verhoogd wordt, met niet meer dan 0*. van het

zUUUO

oorspronkelijke bedrag afneemt, en dat deze coëfficiënt bij verhooging van den druk voortdurend kleiner wordt, zoodat, zooals Amagat heeft aangetoond, een vermeerdering met 1 atm., als de druk reeds 8000 atm. bedraagt, nog

maar een volumevermindering van ten gevolge heeft.

4UUUU

(flet volume is dan het ' van wat het bij een druk van

1 atm. is). Het is duidelijk dat, als de molekulen zelf een merkbaar volume innemen en niet of weinig samendrukbaar zijn, ook de hoogste bereikbare druk het totale volume niet beneden een zekere grens kan brengen. Deze verminderde samendrukbaarheid bij hooge drukkingen valt ook op te merken als men boven de kritische temperatuur blijft en dus, zoo men wil, steeds met een gas te doen heeft. I>ij waterstof, waar de molekulaire attractie zeer zwak is, heeft zells bij gewone drukkingen de uitgebreid-

fm

Sluiten