Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

toen de vriespuntsverlaging met den osmotischen dr"k 'n verband hebben gebracht, kan men ook rechtstreeks uit thei'I110(b'namisc'ie beschouwingen een verband tusschen de dampsp?nning en het vriespunt van een oplossing afleiden. De waarném,n9en hebben nooit een geval doen kennen, waarin deze qevolgtre^;,"Qm n'ef bevestigd uurdcn. Wel is liet gebleken dat vele opoe'üste stoffen een dampspanningsvermindering teweegbrengen, groter dan aan de formule (14) (§ 298) beantwoordt, maar deze 8toffen geven dan ook tot een vriespuntsverlaging aanleiding, ('ie grooter is dan de door (15) bepaalde, en er bestaat wel gccn twijfel dat zij ook een osijiotischen druk veroorzaken, grootei' ('an die volgens de wet van van 't TToff moet zijn.

Het zijn <(e zouten, en lichamen die daarmee chemische eigenschappen min of meer overeenkomen, hij welke deze «f" ijkingen bestaan, en wel des te meer, naarmate de o/)!o sin</ci' "fer verdam! zijn. Om dit te verklaren heeft men aangenomen (b' In"b" kulen van deze lichamen onder den invloed van het i''"ler gedissocieerd worden; inderdaad heeft men alle reden om i,au te nemen dat de wet van van 't Hoff altijd moet doorgaan, a's men maar onder het aantal ïotfleknlen, waarvan in die wet >'Pra^e is, het geheele aantal deettjis verstaat, waaruit de (»j)g<''<,st° st"f samengesteld en die zich onafhankelijk van elkadr' te midden van liet water bewegen. Als dit zoo is, moet splits!13" der molekulen van een zout tot verhooging van den osmP^8C^e,i druk leiden; daarmee gaat dan, wegens het verband tussen de verschillende verschijnselen, een vergrooting van de <lHn>l)8Pan,|ing8vermindering en de vriespuntsverlaging gepaard.

liij de bespreking van de ontleding door een cleeti''sc'"'n strooin

zullen wij op deze dissociatie terugkomen.

*

c

ujl

Sluiten