Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Niet-metalen vormen geen bases; dit is 't scheikundige verschil met de metalen.

De bases vormen, nog gemakkelijker dan de basische oxyden, met een zuur, zouten en water:

NaOH + HC1 = NaCl + H,( ); Ca(()H), + H,S04 = CaSO, + 2 H2(>.

Denkt men van een basis de groep OH (hydroxyl) weg, dan blijft het metaal over.

De zuurstofhoudende zuren bevatten gewoonlijk zoo vaak de groep OH. als zij basisch zijn: salpeterzuur N02—OH (eenbasisch). zwavelzuur SO,—(OH)., (tweebasisch); phosphorzuur PO (OH):1 (driebasisch). Het is juist de waterstof van deze hydroxyl-groepen, die door 't metaal vervangen wordt bij de zoutvorming.

Een zuur minus deze hydroxyl-groepen heet het zuur radicaal. NO., (nitryl), SO., (sulfuryl), PO (phosphoryl) zijn zuurradicalen. Haloïdzuren hebben geen anhydriden, noch zuurradicalen.

Oxyden, die noch basische noch zuurvormende zijn, heeten indifferent. Bevatten deze veel zuurstof, dan heeten zij pcroxyden of mperoxyden, b.v. Ui* >2 en MnO*.

Salpeterzuur, UNO, of HO NO2.

Wanneer stikstoflioudende organische stoffen (dierlijke afval, enz.) verrotten, ontstaat ammoniak, NH,. Dit lichaam wordt door de zuurstof. overgebracht door sommige bacteriën, geoxydeerd tot salpeter-

'/11111* H \O r»f w'i lrwifi»_

rigzuur HNO2. Het salpeterzuur verbindt zich met de metalen tot nitraten. Zoo ontstaan KNO . (gewone salpeter, vooral in Indië), NaNO.: (chilisalpeter, in Chili en Peru) en Ca(NO:1)., (muursalpeter, tegen dë muren in stallen en riolen).

Uit deze zouten kunnen wij het salpeterzuur bereiden door ze te verwannen met geconcentreerd zwavelzuur, d. i. zwavelzuur, waarbij wei-

O

Coops, Scheikunde. I.

Sluiten