Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Is dan op zeker oogenblik P Q de snelheid, met de componenten PR en PS, dan zullen, als wij RU = j maken, PU

en P S de snelheidscomponenten na veri

lOOD eener KAmnriA vnr»rcfollnr>.

Awp ocuci öo^uiiuc vuuistüijtjii; ae werkelijke snelheid is dan P V en men kan die ook uit P Q krijgen door deze laatste snelheid rechtstreeks met P W = g, verticaal naar beneden, samen te stellen.

Men kan een dergelijke figuur construeeren voor het geval dat eerst de

v V snelheid schuin naar boven gericht is.

Men ziet aldus dat, zoowel gedurende het opstijgen als gedurende het dalen in de parabool, het lichaam in elke seconde een naar beneden gerichte snelheid g krijgt, die met de reeds bestaande snelheid wordt samengesteld.

In t seconden krijgt het lichaam een snelheid g t bij die, welke het reeds had, zoodat men, als men de snelheid op één oogenblik kent, door een parallelogram te construeeren, onmiddellijk de snelheid kan vinden, die een willekeurigen tijd later bestaat. Daarbij kan t ook een breuk zijn; gedurende elk tijdsdeel, hoe klein ook, krijgt het lichaam een aan dit tijdsdeel evenredige snelheid naar beneden.

§ 72. Versnelling bij een kromlijnige beweging. Beschouwen wij nu een lichaam dat zich op deze of gene wijze langs een kromme lijn L L (Fig. 72) beweegt. Op zeker oogenblik is het in P en heeft het de snelheid P A in de richting der raaklijn; na een tijdselement t is het in Q gekomen, en^ heeft het de snelheid QB, die in het algemeen in grootte van PA verschilt.

Was grootte noch richting veranderd, dan zou de snelheid aan het einde van het tijdselement door Q C, evenwijdig en gelijk aan P A, kunnen worden voorgesteld. Construeert men nu een parallelogram waarvan QB de diagonaal en Q C de eene zijde is, dan geeft de andere zijde Q D de snelheid aan, die het lichaam in den tijd r bij de reeds bestaande gekregen heeft* Wij deelen deze snelheid door de lengte t van het tijdselement; daardoor vinden wij de snelheid die het lichaam

Sluiten