Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

krachten vormen een koppel. In standvastig evenwicht is het voorwerp eerst dan, wanneer Z verticaal beneden Z ligt. Het evenwicht bestaat in eiken stand,

Fig. 187.

wanneer het lichaam homogeen is; dan vallen namelijk Z en Z samen.

De vraag, wanneer een drijvend voorwerp in stabiel evenwicht is, wordt door een dergelijke beschouwing beantwoord. Fig. 188 stelt b.v. een verticale doorsnede voor van een homogeen rechthoekig parallelepipedum; het vlak der figuur gaat door het middelpunt en loopt evenwijdig aan een der zijvlakken. Het

zwaartepunt der verplaatste vloeistof valt samen met dat van het trapezium ABEF, dat van het lichaam met het zwaarte¬

punt van den rechthoek ABCD. Men ziet hoe het gewicht en de opwaartsclie druk een koppel opleveren, dat het parallelepipedum terugdrijft naar een stand waarbij A B horizontaal is.

Gemakkelijk zal men inzien dat een homogene cilinder, waarvan

de lengte veel grooter is dan de dwarsafmetingen, veelal in wankelbaar evenwicht zou zijn als hij, met de lengte verti¬

caal, dreef. Om zulk een lichaam in dezen stand te houden is dan een belasting aan het benedeneinde noodig.

Wij moeten niet verzuimen, ten slotte op te merken dat de wet van Archimedes ook geldt, wanneer de omringende stof gasvormig is; ook kan het ondergedompelde lichaam vloeibaar of gasvormig zijn. Het opstijgen van een licht in een zwaarder gas is als een gevolg van de wet te beschouwen.

e. Hevel. De omgebogen buis van Fig. 189 is met zijn eene

21

Fig. 188

Sluiten